Zondag 7 december 2025: tweede zondag van de Advent

Zondag 7 december 2025: tweede zondag van de Advent

Jesaja 11,1-10: Jesaja schetst een tafereel van harmonie en vrede in de hele schepping.

Matteüs 3,1-12: De oproep van Johannes de Doper tot bekering.                                                                      

                                                                               Klein in alles begonnen

 

We zijn op weg naar Kerstmis, op weg naar de ontmoeting met het Kind. Op velerlei wijze kan een mens komen tot de erkenning van Gods nabijheid. Het leven kan je dankbaar maken. Liefde en vriendschap kunnen verwijzen naar God. De pracht van de natuur herinnert je aan de Schepper. Maar vandaag wijst Johannes de Doper je een nieuwe weg aan de ervaring van je eigen onmacht en zondigheid brengt je tot bij God. Als je je klein voelt en niets meer hebt om aan te bieden dan wat scherven, juist dan vindt Hij de openheid om je lief te hebben. Als je eerlijk probeert af te dalen naar wat je minder mens maakt, dan ontmoet je Degene die jouw bestaan heeft willen delen, in alles, zelfs in de dood. De oproep tot bekering hoeft ons dus niet af te schrikken. Veeleer is het een uitnodiging om ons toe te vertrouwen aan onze God, om ons te laten raken door zijn barmhartigheid, ons in alle eenvoud te vragen om zijn hulp.

 

Het besef van kwaad is eigen aan de mens. Een dier heeft het niet, evenmin als een ervaring van vreugde en geluk. Het leeft en wordt geleefd. Mensen weten dat ze bestaan. Zij beschikken over mogelijkheden, kunnen hun leven uitbouwen en er een zin aan geven. Toch zijn niet alle wegen die we bewandelen snelbanen naar het geluk. Soms gaat het moeizaam en dragen we met ons mee de scherven van verkeken kansen, van eigen onvolkomenheden en fouten. Is er in onze complexe en moderne welvaartswereld voldoende ruimte voor de falende mens, die wij allen zijn? Meer nog, aanvaarden wij onze eigen gebrokenheid? De reclame waarmee we overspoeld worden, stelt ons een typemens voor die succesrijk en met de glimlach het leven naar zijn hand zet. Nochtans zien we rondom ons mensen mislukken, families uiteenvallen omwille van ruzies. Er is geweld en vernieling. We herkennen in onszelf egoïsme, gebrek aan liefde, hardheid. Is dit alles een onvermijdelijke schaduwzijde van ons bestaan of mogen we geloven dat er een weg van bevrijding loopt doorheen onze kleinmenselijkheid?

 

Elke advent doet ons stil worden bij het gebeuren van de Menswording. Onooglijk klein is het begonnen, als een twijg aan een boom, als een gewoon mensenkind, geboren uit arme ouders. Doch in dit kleine is Gods grootheid zichtbaar geworden. In kleine tekenen en gebaren beleven we een stukje Rijk Gods, midden onder ons. Om dit kleine, soms zielige mensenbestaan is het Hem te doen.

 

Nikolaas Devynck osb

monnik van Sint-Andriesabdij-Zevenkerken

gewezen padre Infra  Antenne Noord Sint-Kruis

 

Matteüs 3, 1-12:

1In die tijd trad Johannes de Doper op en predikte in de woestijn van Judea: 2“Bekeert u, want het Rijk der hemelen is nabij.” , 3Deze toch is het die de profeet Jesaja bedoelde, toen hij zei:

“Een stem van iemand die roept in de woestijn bereidt de weg van de Heer, maakt zijn paden recht.”

4Johannes nu droeg een kleed van kameelhaar en een leren gordel om zijn lenden. Zijn voedsel bestond uit sprinkhanen en wilde honing. 5Toen trok Jeruzalem, Judea en heel de Jordaanstreek naar hem uit 6en zij lieten zich door hem dopen in de rivier, de Jordaan, terwijl zij hun zonden beleden.

7Maar toen hij vele Farizeeën en Sadduceeën zag komen om gedoopt te worden, sprak hij tot hen: “Adderengebroed, wie heeft u voorgespiegeld, dat ge de dreigende toorn kunt ontvluchten? 8Brengt liever vruchten voort die passen bij bekering, 9en neemt niet een houding aan alsof ge bij uzelf zegt: Wij hebben Abraham tot vader! Waarachtig, ik zeg u, dat God de macht bezit voor Abraham uit deze stenen kinderen te verwekken. 10Reeds ligt de bijl aan de wortel van de bomen. Elke boom dus die geen goede vrucht draagt, wordt omgekapt en in het vuur geworpen.

11Ik doop u met water, opdat ge u zoudt bekeren. Maar Hij die na mij komt, is sterker dan ik, en ik ben niet waardig Hem van zijn sandalen te ontdoen. Hij zal u dopen met de heilige Geest en met vuur. 12De wan heeft Hij in zijn handen Hij zal zijn dorsvloer grondig zuiveren; zijn tarwe zal Hij in de schuur verzamelen, maar het kaf verbranden in onblusbaar vuur.”

New Revised Standard Version Updated Edition (NRSVUE)

“Copyright © 2021 National Council of Churches of Christ in the United States of America. Used by permission. All rights reserved worldwide.”

 

 

 

 

Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.