10 sep Zondag 14 september 2025: feest van de KRUISVERHEFFING
Johannes 3,13-17: “De Mensenzoon moet omhoog geheven worden.”
Elk zijn kruis
Er is enorm veel lijden in de wereld, zeer veel lijden. Je hoeft de televisie maar aan te zetten, je hoeft de krant maar open te slaan. Het is een aaneenrijging van lijden: Gaza, Oekraïne, Soedan, Oost-Congo, Myamar, armoede en hongersnood in verschillende Afrikaanse landen. Maar niet alleen ver weg: lijden ook heel dichtbij, in eigen land, in eigen stad en gemeente, in eigen huis.
Er is een gezegde, dat heet: “Ieder huisje heeft zijn kruisje”. Ieder krijgt zijn deel op aarde, ieder heeft wat hem bezwaart, ieder hart en ieder huis, heeft zijn eigen smart en leed maar zijn eigen kruis. Het ene kruis is openbaar, het andere wordt men niet gewaar, het ene kruis is klein en het andere enorm zwaar, het ene is van hout en het andere is van lood. Niet op ieders voorhoofd staat, hoe het hem van binnen gaat. De Russische clown Oleg Popov kon zijn leed en miserie verbergen achter zijn humoristisch gezicht.
“Ja”, zegt Dietrich Bonhoeffer in zijn gedicht over het kruis, dat hij schreef in de gevangenis kort voordat hij geëxecuteerd werd, “mensen gaan tot God in hun nood, met het kruis dat op hun schouders drukt. Ze smeken om hulp, vragen om voorspoed, brood, redding uit ziekte, verlossing uit schuld en dood; zo doet elke mens, christen en heiden.” “Maar”, zegt hij in het tweede couplet van dat gedicht: “mensen gaan tot God in zijn nood, vinden Hem arm, veracht, geen onderdak, geen brood, zien Hem ten prooi aan zonde, zwakte en dood. Een christen staat naast God in al zijn lijden.”
Laten wij vandaag eens kijken van de kant van God naar onze wereld. Dan zien wij daar God torsen onder zijn kruis. God lijdt in mensen die sterven van armoede, in mensen die honger lijden, die onmenswaardig moeten leven, die mensen doden om macht te behouden, die kinderen doden omdat zij in de rij staan om een handvol rijst of bloem te krijgen. Ja, dat is Gods kruis, dat is zijn nood. Maar God kan er alleen wat aan doen, als wij het appèl dat Hij op ons doet, horen. God is machteloos, dat is zijn nood, tenzij wij wakker worden, tenzij wij de ellende om ons heen zien en in de startblokken komen om er iets aan te doen, tenzij wij – zoals Bonhoeffer zegt – tot God gaan in zijn nood, bij Hem gaan staan, Hem bijstaan.
Zo zou ik naar het kruis willen kijken. Het gaat niet in de eerste plaats om onze noden; het gaat om Gods nood en onze bereidheid om God bij te staan in zijn nood.
Het gaat niet zozeer om ons kruis; het gaat om het zijne.
Nikolaas Devynck o.s.b.
monnik van de Sint-Andriesabdij-Zevenkerken
gewezen padre bij Defensie
Johannes 3, 13-17:
3Nooit is er iemand naar de hemel opgeklommen; tenzij Hij die uit de hemel is neergedaald, de Mensenzoon. 14En deze Mensenzoon moet omhoog worden geheven zoals Mozes eens de slang omhoog hief in de woestijn, 15opdat eenieder die gelooft in Hem eeuwig leven zal hebben.
16Zozeer immers heeft God de wereld lief gehad dat Hij zijn eniggeboren Zoon heeft gegeven, opdat alwie in Hem gelooft, niet verloren zal gaan maar eeuwig leven zal hebben.
17God heeft zijn Zoon niet naar de wereld gezonden om de wereld te oordelen, maar opdat de wereld door Hem zou worden gered.
New Revised Standard Version Updated Edition (NRSVUE)
“Copyright © 2021 National Council of Churches of Christ in the United States of America. Used by permission. All rights reserved worldwide.”
Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.